De opmars van de internetcensuur

Men is bij de AIVD de afgelopen jaren druk bezig geweest met het in kaart brengen van wat zij extremisme noemen. Honderden mensen worden in ons land iedere dag in de gaten gehouden door telefoontaps en het registreren van internet verkeer. Deze mensen zijn vaak niets anders dan dissidenten die het niet eens zijn met onze regering, maar zij worden vaak volledig ten onrechte geschaard onder de noemer extreem-rechts, extreem-links en moslimextremist. De media volgt braaf de bevelen van de AIVD op. Zo werd het vinden van een aantal lege handgranaten (die voor de sier op de schoorsteen stonden), een luchtdrukgeweer en een zakmesje al snel een “wapenvondst” genoemd en in combinatie met een rood-wit-blauwe vlag heeft de media het dan over “een wapenvondst bij een extreemrechtse terrorist”. Ter “linkerzijde” heeft men Louis Sevéke laten liquideren, want die wist teveel van corruptie af binnen het justitiële apparaat. Kortom Nederland krijgt steeds meer de trekken van een politiestaat.

Het registreren van internetgebruik is op zich niets nieuws onder de zon, het begon al in 1997. Al was het in die periode voor de AIVD en het Openbaar Ministerie nog niet zo gemakkelijk als nu om aan gegevens te kunnen komen. Zij beschikten echter over een magische spreuk. Niks “abracadabra” of “sesam open u” maar het woord “kinderporno” deed veel internetproviders van gedachten veranderen. Nu is het bestrijden van kinderporno op zich natuurlijk een goede zaak. Alleen dit item misbruiken om eens een kijkje in de keuken te kunnen nemen van iemand die het niet eens is met het systeem getuigt natuurlijk van STASI praktijken. Af en toe werd er natuurlijk echt iemand gepakt die kinderporno over het internet verspreidde om de steun van de burger te kunnen behouden. Men heeft echter de grote vissen snel terug in zee gegooid. Het kan namelijk desastreuze gevolgen hebben als je het op durft te nemen tegen pedofiele rechters, officieren van justitie en politici nietwaar?

Lees verder op : Geen Flauwekul

Reageer